Beksan Topeng Sekartaji

Sekartaji, prinses van het rijk Daha, is verbannen naar de berg Jambangan als straf voor haar ouders omdat die nalatig waren de goden te bedanken voor het krijgen van kinderen. Sekartaji wordt op de dag van haar huwelijk met Panji, prins van het rijk Kuripan, van haar verloofde gescheiden en naar de berg gebracht waar zij als non ascese doet en de goden vereert. Zij heet nu Endang Sangulara en neemt de gedaante aan van non. Terwijl Raden Panji op reis is, krijgt Dewi Sekartaji een droom over Koning Klana Sewandana van het rijk Bantarangin, die erg gek op haar is. Dewi Sekartaji komt in gewetensnood en wenst dat Raden Panji haar zal behoeden voor de avances van Klana. In haar droom ziet zij hoe haar geliefde Klana overwint, en komt zij tot rust. In de dans verkeert Sekartaji in een mijmertoestand en droomt dat zij haar geliefde prins Panji gaat opzoeken. De eerste die zij tegenkomt is niet Panji, maar de woesteling koning Klana Sewandana. Ook deze koning wenst haar tot zijn echtgenote. Zij weet echter hem te ontlopen en gaat verder op zoek. Dan ontmoet zij eindelijk haar verloofde prins Panji. De ontmoeting verloopt echter niet bevredigend. Het is alsof Panji in de non zijn geliefde Sekartaji niet herkent. Ook zijzelf bespeurt een zekere terughoudendheid naar Panji toe. De ontmoeting wordt plotseling verstoord door de komst van de woesteling koning Klana. Er ontstaat een hevig gevecht tussen Panji en Klana waarbij tenslotte Klana het onderspit delft. Dan wordt Sekartaji weer wakker en merkt dat zij alleen is en dat de ontmoeting met Panji slechts een visioen is geweest. Zij keert terug naar de berg Jambangan om eerbetoon aan de goden te geven. Sekartaji keert terug in vergetelheid. *Achtergrond* Topeng Sekartaji (1971) is een choreografle van S. Ngaliman, bewerkt door S.D. Humardani, Sunarno en Wahyu Santoso Prabowo. Het is een maskerdans door drie figuren: Dewi Sekartaji, Raden Panji Inukertapati en Prabu Klana Sewandana. Het verhaal komt uit de Panji cyclus die vertelt over het rijk Kediri op Oost-Java. De muziek is gearrangeerd door R. L. Martopangrawit in 1972. De stukken zijn: Macapat Maskumambang, Ketawang Dendha Gedhe, Gangsaran, Ladrang Eling-Eling, Gangsaran, Ladrang Surung Dayung, Kemudha, Gangsaran, Sekar Tengahan Jurudemung. Laras pelog pathet lima.

Video



Evenementen met Beksan Topeng Sekartaji