Attributen

Ieder danskostuum bestaat uit tientallen dansonderdelen. Voor elk karakter die de danser uitbeeldt, zijn er specifieke dansaccessoires in gebruik. Kostuums die dansen uit de Mahabharata afbeelden, zijn vaak net ietsje anders dan kostuums die Ramayana verhalen afbeelden. Hieronder vind je een overzicht van de belangrijkste attributen.

Dames en heren dansattributen

Gemeenschappelijke attributen met een heren en dames variant. Sommige attributen zijn voor dames en heren identiek, zoals de sumping en stagèn, of zijn er kleine verschillen.

Sumping
Sumping

Sumpings zijn oorversierselen die over de oorschep worden gedragen. De afbeeldingen zijn dierlijke mythologische figuren. De Sumping is onderdeel van het basis herenkostuum.

Stagen
Stagen

De stagèn wordt onder de Sabuk gedragen en is dus onzichtbaar. Het is een meterslange buikband en houdt de kaïn, boro-boro en samir bij elkaar. Daarnaast geeft het stevigheid aan de rug.

Sampur
Sampur

Danssherp. In vele uitvoeringen zoals cindé (gebloemd zijdeweefsel), polos (één kleur), tumpulan (driehoeksmotief), pelangi (bont) met of zonder payetten, kralen (moté) of franje (rontek). Putri en Putra alusan karakters dragen meestal de kleuren oranje, geel, groen, blauw, wit of paars. Putra gagahan dragen meestal de kleuren rood, groen, blauw of geel.

Ranté
Ranté

Ketting. De Ketting is er in vele variaties. Soms bestaande uit drie onderdelen.

Plim
Plim

De Plim wordt onderaan de mannen- of vrouwenhoofdtooi bevestigd en stelt een haarzak voor. Al het (lange) haar van de danser(es) wordt dus in de plim geplaatst. Als het haar vrij wordt gedragen, dan draagt de danser(es) geen plim.

Kelat bahu putri
Kelat bahu putri

De Kelat Bahu Putri is een arm-ornament. De afbeelding stelt een mythologisch dier voor. Dit is een onderdeel van een vrouwen basiskostuum als de dans een dans afbeeld uit de Wayang of andere verhalen, bv. Srikandi Burisrawa. Moderne choreografieën gebruiken geen Kelat Bahu, bv. in de liefdesdans Enggar-enggar.

Kelat bahu putra
Kelat bahu putra

De Kelat Bahu Putra wordt op de bovenarmen gedragen met de kop naar boven kijkend. De figuren zijn dierlijke mythologische afbeeldingen

Kain
Kain

Gebatikte lap voor het onderlijf en om de benen geslagen. De patronen zijn vaak in lèrèng (schuin gestreept) parang rusak (gebroken hakmessen). Putri en Alusan putra karakters dragen vaak kleine tot middelgrote patronen. Putra gagahan karakters dragen grote patronen. Ook zijn er kains in modang (effen) gedragen door Putra gagahan karakters.

Gelang tangan
Gelang tangan

Armbanden.

Èpèk timang putri
Èpèk timang putri

Ceintuur en gesp. Het vrouwenceintuur is asymmetrisch van vorm en de gesp heeft een ovale vorm.

Cincin
Cincin

Ring.

Bros
Bros

Broche om sampur te fixeren.

Anting-anting
Anting-anting

Oorhanger

Wapens dansattributen

Wapens zijn vaak gestyleerd en nep. Zo zijn danskrissen niet scherp om verwondingen te voorkomen. Over het algemeen zijn vrouwenwapens wat kleiner en verfijnder dan wapens die heren gebruiken bij de Javaanse hofdansen.

Tameng
Tameng

Schild. Te gebruiken bij gevechtsdansen ter verdediging. In combinatie met gada (knots) of machète.

Panah bendhong gendhéwa
Panah bendhong gendhéwa

Pijlen (panah), pijlenkoker (bendhong) en boog (gendhéwa). Bij gevechtsdansen draagt de danser aan de achterkant een pijlenkoker met pijlen en boog in de hand.

Keris putri
Keris putri

De vrouwelijke variant van de kirs, Keris Putri, is kleiner dan de herenvariant. De kris wordt in tegenstelling tot de heren, aan de voorkant gedragen

Keris putra
Keris putra

De Keris Putra wordt aan de achterkant gedragen en in de Sabuk gestoken. Vaak wordt de kris versierd met bloemen, de kembang keris.

Gada
Gada

Knots. Slagwapen in combinatie te gebruiken met tameng (schild).

Dadhap
Dadhap

De Dadhap is een slagwapen die gebruikt wordt bij vechtdansen, zowel door heren als door vrouwen. Op de Dadhap wordt een kulitbovenstuk geplaatst. Soms is dit de levensboom (afbeelding links), maar soms ook wayangfiguren als Arjuna (midden) en Kresna (rechts). Deze laatste twee versierselen wordt gebruikt bij de dans Karna Tinanding.

Dames dansattributen

Hier vind je veel gebruikte dames attributen voor gebruik in Javaanse hofdansen. In totaal kunnen zo rond de 30-40 attributen per dans worden gebruikt. Hét klassieke patroon voor de danskleding is van het type parang rusak - oftewel patronen van hakmessen. In de kain (omslagdoek) vind je die vaak gestyleerd terug.

Sisir
Sisir

De Kam is een haarversiersel en wordt vlak in het haar boven het hoofd gestoken.

Mekak
Mekak

Keurslijf. Bovenlichaam bekleding inclusief opzetstuk (penutup), èpèk (ceintuur) timang (gesp).

Kondé
Kondé

Stijf opgerolde haarwrong. Voor de achterkant van het hoofd en versierd met sieraden zoals kembang goyang.

Kemben
Kemben

Vrouwenborstkleed. Bovenlijf kleding uit één stuk. Een sampur wordt als riem gebruikt.

Kembang goyang
Kembang goyang

Een Kembang Goyang (trilbloem) is onderdeel van de hoofdversiersel voor een Kondé (haarstuk). Gebruikelijk is om een oneven aantal toe te passen, dus 3, 5 of 7 stuks.

Kalung kembang
Kalung kembang

Bloemen ketting. Omgeslagen ketting bij de heup en nek voor Gambyong dansen.

Kalung
Kalung

Halsketen. Een ketting bestaande één of drie halve maantjes.

Kain samparan
Kain samparan

Gebatikte lap voor het onderlijf en om de benen geslagen met sleep. De patronen zijn vaak in lèrèng (schuin gestreept) parang rusak (gebroken hakmessen) of cindé (zijden bloemmotief).

Ira-irahan
Ira-irahan

De Ira-irahan is een hoofdtooi die om het hoofd wordt gedragen. Vaak wordt deze hoofdtooi gecombineerd met een kondé, kam, veer en kembang goyang. Deze Ira-irahan wordt gebruikt in o.a. de dans Suka Retna.

Hoofdtooien dansattributen

Elke Javaanse hofdans is voorzien van een hoofdtooi (Ira-irahan). Afhankelijk van de type dans, draagt de danser(es) een ander hoofdtooi. De karakters in javaanse dansen worden gedanst met verschillende hoofdtooien die een bepaald karakter uitbeelden. Hoofdtooien zijn er dan ook in verschillende soorten. De zwarte krul beeldt over het algemeen het haar uit en het haarzakje of de diadeem houdt het haar (gestyleerd) bijeen. Sommige hoofdtooien beelden een kroon uit, zoals een (Mahkota) of een pruik bij maskerdansen (Tekes).

Ira-irahan Tropong
Ira-irahan Tropong

Deze Ira-irahan wordt onder andere gebruikt bij de dans Sancaya Kusumawicitra. De zwarte variant door de alusan (o.a. Kresna, Kusumawicitra) danser en de rode door de gagah danser (o.a. Sancaya, Rahwono). Daarnaast draagt Rama of Setejo een groene variant.

Ira-irahan Tekes
Ira-irahan Tekes

De dansen Topeng Gunungsari, Topeng Kelana en Eko Prawiro gebruiken deze hoofdtooi. Tekes is een soort van pruik (bij maskerdansen).

Ira-irahan Srikandi
Ira-irahan Srikandi

De hoofdtooi van Srikandi, Ira-irahan Srikandi, kenmerkt zich door de grote schelm aan de achterkant van de hoofdtooi.

Ira-irahan Sinta
Ira-irahan Sinta

Ira-irahan voor o.a. Sinta, Enggar-enggar en Driasmara.

Ira-irahan Pamungkas
Ira-irahan Pamungkas

Ira-irahan voo o.a. de dans Pamungkas. Deze heeft een gekartelde voorkant.

Ira-irahan Menak Koncar
Ira-irahan Menak Koncar

Ira-irahan voor o.a. de dansen Enggar-enggar en Karonsih voor de Panji karakter.

Ira-irahan Gathotkaca
Ira-irahan Gathotkaca

Hoofdtooi voor Gathotkaca karakter.

Ira-irahan Gambiranom
Ira-irahan Gambiranom

Hoofdtooi voor Gambiranom (de zoon van Arjuna). Met extra opzetstuk ook te gebruiken voor Gathotkaca.

Ira-irahan Dursosono
Ira-irahan Dursosono

Hoofdtooi voor Dursosono of Suyudono. Ook eventueel te gebruiken voor Karna of Menak-Jingga met extra schelmplaat.

Ira-irahan Dhayung
Ira-irahan Dhayung

Ira-irahan van Dhayung. Dhayung is de knecht van Menak Jingga. Deze heeft rondingen aan de voorkant.

Ira-irahan Burisrawa
Ira-irahan Burisrawa

Hoofdtooi van een rover, o.a. bij Srikandi Burisrawa.

Ira-irahan Arjuna
Ira-irahan Arjuna

Hoofdtooi voor de Mahabharata karakter Arjuna.

Ira-irahan Abimanyu
Ira-irahan Abimanyu

Deze Ira-irahan wordt onder andere gebruikt bij de dans Wiropratama (als Abimanyu).

Heren dansattributen

Hier vind je veel gebruikte heren attributen voor gebruik in Javaanse hofdansen. In totaal kunnen zo rond de 31 attributen per dans worden gebruikt. Hét klassieke patroon voor de danskleding is van het type parang rusak - oftewel patronen van hakmessen. In de kain (omslagdoek) vind je die vaak gestyleerd terug.

Uncal
Uncal

De Uncal is een schaamplaat die voor de schaamstreek wordt gedragen. De Uncal is onderdeel van het basis herenkostuum.

Sabuk
Sabuk

De Sabuk is een meterslange buikband en onderdeel van het basiskostuum en wordt over de stagen en kaïn gedragen.

Probo
Probo

Probo zijn vleugels en worden gedragen door Karna, Gambir Anom en Gathot Kaca.

Kalung kaci
Kalung kaci

Katoenen halsketen. De Kalung (kraag) is een optionele basisaccessoire.

Èpèk timang putra
Èpèk timang putra

Ceintuur met gesp. Het ceintuur wordt over de sabuk gedragen en steekt circa een duimdkte boven de rand uit.

Dhadha
Dhadha

Borsthaar. Voor Putra gagahan karakters.

Celana
Celana

Driekwart lange broek van fluweel (bludru) of katoen-zijde (cindé) in diverse kleuren. Putra alusan figuren dragen meestal zwart, groen, blauw of paars. Putra gagahan figuren dragen meestal rood of zwart.

Brengos
Brengos

Snor. Voor Putra gagahan karakters.

Boro-boro samir
Boro-boro samir

Boro-boro Samir zijn twee aparte zakken die aan de zijkant worden gedragen. Boro-boro aan de linkerkant (dubbel) en Samir (enkel) aan de rechterkant. Oorspronkelijk droegen alleen dansers afkomstig van de kratons zelf - dus adellijke personen - de Boro-boro.

Binggel
Binggel

Enkelband. Ook gelang kaki. In enkele rij uitgevoerd voor Putra alusan. De dubbele uitgevoerde is voor Putra gagahan. De karakter Dhayung uit de dans Menak Jingga Dhayung draagt een enkelband uitgevoerd in enkele rij met belletjes.

Baju Gathotkaca
Baju Gathotkaca

Bovenkleding voor Gathotkaca met kenmerkende grote ster in het midden.

Maskers dansattributen

Een Middenjavaanse dansmasker (topeng) beeldt een gestileerd gezicht af. Vroeger waren de Javaanse dansmaskers herkenbare menselijke gezichten, maar sinds de islamisering mochten er geen menselijke afbeeldingen worden getoond. Balinese maskers daarentegen zijn natuurgetrouwe afbeeldingen. Hun Hindoe-religie verbiedt dat niet.

Topeng Panji
Topeng Panji

De Topeng Panji kenmerkt zich door het blauwe gelaat. Soms wordt deze topeng ook in het groen uitgevoerd.

Topeng Klana
Topeng Klana

De Topeng Kelana kenmerkt zich door het rode gelaat.

Topeng Gunungsari
Topeng Gunungsari

De Topeng Gunungsari kenmerkt zich door het witte gelaat.